Bye bye, teacher Eva!

Op de fiets terug van school naar ‘huis’, geniet ik van wat ik om me heen zie: de glibberige stenen en regenplassen die ik moet ontwijken, de mensen die vanuit de rijstvelden “HELLOOO” gillen, de kippen die snel voor me wegvluchten, de vrolijke gezichtjes van leerlingen die me zien fietsen: “teacher Eva, teacher Eva!!!“. Tijdens de rit voel ik me zorgenloos, tot het moment dat ik de koe midden op het pad zie staan, dit is een van de grootste uitdagingen die ik dagelijks tegenkom. De koeien blijven midden op het pad staan met een blik die zegt: ‘mooi niet dat ik hier weg ga, zoek het maar uit.‘ En daar ga ik dan, voorzichtig fietsend, om de koe heen. Balancerend op het randje tussen net wel of net niet in het rijstveld vallen. Grinnikend fiets ik verder als de koe me boos toeloeit wanneer het me lukt om hem vlekkeloos te passeren. En als ik ‘thuis’ kom, bedenk ik dat dit de één na laatste keer was dat ik deze weg met zijn mooie uitzicht en uitdagingen heb hoeven afleggen.

De afgelopen drie weken waren leerzaam, mooi, om nooit meer te vergeten, fantastisch, dankbaar, lerarerig, etc. Het lerares-zijn is me super goed bevallen (het zit denk ik toch in mijn genen, mama kan trots zijn) en ik heb genoten van alle lachende kindjes en de liefde die ze me hebben gegeven. Het is mooi om te zien hoe al die kindjes zich na een aantal dagen ineens heel erg kunnen openstellen voor je, de laatste paar dagen kwamen de meeste kindjes me zelfs vaak even snel een knuffel knuffel geven.

Ik ben er achter gekomen dat taal niet altijd een barriere hoeft te zijn: met handen en voeten kan je altijd wel duidelijk maken wat je wil, en een lach betekend in elke taal hetzelfde. En glimlachen, die hebben de kinderen me genoeg gegeven. Vooral op de momenten dat ik voor de klas stond en de uitspraak van de kindjes ging bijschaven: “No, it’s not ‘bok’, it’s ‘bokSSSSSSSSSSSSS’!!” (box) of: “One eye, two eyeSSSSSS” Waarbij ik de S dan overdreven lang aanhield en er een raar gezicht bij trok.

Vandaag was de laatste dag van de leerlingen. Morgen begint hun vakantie. Dus ik heb vandaag al het eerste deel van het afscheid gehad. Bij het afscheid zeiden een aantal kinderen: “I wish you could live here!“, “Bye teacher, I love you” of “I will miss you“. Het was raar om aan het einde van de dag niet te horen “Thank you teacher, see you tomorrow!“. Vandaag was het “Thank you teacher!” waarbij een aantal leerlingen de tranen in hun ogen hadden… Morgen is het afscheid van de docenten. Deze mensen hebben me super leuk ontvangen hier, stonden open voor verbetering. (Ik heb regelmatig te horen gekregen dat ik ze moet verbeteren als ze iets verkeerds zeggen, of het feit dat ze ook écht de klassenindeling heeft verbeterd). Ze zijn super lief. Ik ga ze missen.

Ik ga weg hier, maar ik hoop dat ze, wanneer ze ooit weer woordjes gaan oefenen met de X, nog even aan mij met mijn rare gezicht zullen denken. Ik heb er in ieder geval alles aan gedaan om niet zomaar een vreemdeling die drie weekjes langskwam en de lessen kwam verstoren. Hopelijk hebben zij het ook zo opgevat

Advertisements

Thank you, teacher Eva!

Good morning teacher!!” roepen/zingen zo’n 15 kindjes in koor. “Good morning, how are you?” vraag ik, waarop de kindjes weer hun antwoord zingen “I fine, thank and you?” “I’m fine, thank you. Please sit down.” “Thank you teacher!“, zo begint elk lesuur. Volgens mij hebben de kindjes geen idee wat ze zeggen en het mooiste is toch wel dat ze dit drie keer op een dag tegen me zeggen’/schreeuwen/zingen.

Van de week viel het me ineens op dat alle goede kindjes helemaal vooraan in de klas zitten, en alle ‘minder goede’ kindjes zitten allemaal achterin de klas. Dat is natuurlijk niet handig. Ik had bedacht dat we de klassenindeling moesten gaan veranderen, maar toen ik dit uitlegde aan Thavy snapte ze er helemaal niks van. Ik heb het zes keer op een andere manier uitgelegd (nadat ik het had verteld en zelfs helemaal had uitgetekend, heb ik uiteindelijk mijn hele lichaam in de strijd gegooid en heb echt van de ene kant van het klaslokaal naar de andere kant gerend in de hoop dat ze het zou snappen), maar het haalde niks uit: ze bleef me nog steeds met schaapachtige oogjes aankijken. Ik was dan ook totaal verbijsterd toen ze de dag er na tijdens de les ineens alle goede kindjes naast een minder goed kindje zette: dit was precies wat ik had aangegeven want zo kunnen de goede kindjes de minder goede kindjes helpen. Kennelijk had Thavy het toch begrepen!! En wat ben ik trots en blij dat ze naar me hebben geluisterd, want het werkt echt!! Zodra de goede kindjes klaar zijn met de opdracht gaan ze het minder goede kindje helpen. Zodra ze allebei klaar zijn gaan ze samen de uitspraak oefenen of elkaar overhoren. Eindelijk zit er niemand meer te niksen in de les, en (nog belangrijker) niemand zit meer te kloten! Iedereen is geconcentreerd aan het werk! En toen ik op vrijdag aan Thavy vroeg wat ze nu van de nieuwe klassenindeling vond, zei ze dat ze het al veel eerder had moeten doen! 😀

Eigenlijk was afgelopen week wel een beetje een rare week. Op maandag viel een deel van de lessen ‘s middags uit omdat een soort GGD-idee de jongste kinderen (mijn klasje dus) kwamen checken op hun gezondheid. Veel kindjes hadden twee of meer gaatjes (ondanks de HEALTH&HYGIENE lessen waarin de leerlingen leren hoe ze hun tanden moeten poetsen, twee keer per week). Volgende week komt die groep ook de óchtendleerlingen checken op hun gezondheid, en ze willen komen kijken tijdens de tandenpoets- en handenwasles op maandagmiddag (HEALTH&HYGIENE dus).
Op dinsdag viel de hele ochtend weg: het was de laatste dag van de public schools voordat de vakantie begon en dus werd het schooljaar ‘feestelijk’ afgesloten. Zo’n 200 leerlingen waren bij elkaar geroepen om te luisteren naar een preek van het schoolhoofd (die zo’n drie keer werd onderbroken omdat zijn mobiel af ging en hij deze gewoon opnam en daadwerkelijk een heel gesprek begon). Hierna werden de beste leerlingen naar voren geroepen, waar ze een verhaaltje moesten voorlezen. Dit hele spectakel duurde twee uur lang en Koen en ik werden verwacht tussen de docenten te gaan zitten (docenten die we nog nooit hadden gezien omdat wij les geven in het learning center, en niet op de public school). En het leuke was: de twee uur lang die we daar hebben gezeten, hebben we NIKS begrepen van wat er werd gezegd: men sprak alleen maar Khmer. Na die twee uur lang op afschuwelijke houten stoelen zitten (we snappen nu hoe de uitdrukking ‘een houten kont’ is ontstaan) werden we nog verwacht mee te gaan naar de lerarenkamer om daar fruit te eten. Inmiddels had ik het wel een beetje gehad maar we konden eigenlijk niet weigeren, dus daar zaten we dan: allemaal fruitsoorten te eten die we niet kenden en omsingeld tussen docenten die we niet kenden.

(Hier kwam ik wel achter een cultuurverschilletje: “Is he your sweetheart?“, vroeg een docent, wijzend naar Koen “No, he isn’t.” Waarna het even stil was. “You are pretty.” “Thanks.” zei ik maar, ik had geen idee wat ik moest zeggen. “What do you think about me?“, kijkend naar zijn grote wrat midden op zijn wang waar zo’n zeven hele dikke en lange haren uit groeide -ik kan het niet helemaal vinden met het Cambodjaanse schoonheidsideaal- kreeg ik bijna de rillingen, dus zei ik maar: “I think you’re very friendly.” Ik hoop dat ik mijn gezicht een beetje in de plooi heb kunnen houden. “Are you interested in me?” vroeg hij, en hoewel ik hoopte dat hij een grapje maakte (hij was rond de 30) ben ik bang dat hij bloedserieus was. “No, I’m sorry” Dat vond ie niet zo leuk: “Why not?” “I have a boyfriend“But, you just said..??” Ik zag een kortsluiting ontstaan bij de docent waarmee ik praatte. A. Waarom zou een meisje dat een vriendje heeft in haar eentje naar de andere kant van de wereld afreizen? B. Waarom zou een meisje dat een vriendje heeft een woonruimte delen met een andere jongen dan haar vriend? Gelukkig kwam op dat moment mister Koun aangelopen en vroeg me of ik hem even kon helpen. Ik ben nog nooit zo blij geweest met administratiewerk! )

Op woensdagmiddag heb ik ook geen les gegeven: de worldmappers kwamen langs voor een voetbaltoernooitje Nederland-Cambodja. En hoewel Koen en ik Nederlanders zijn, werden we geacht om voor Cambodja te juichen: we horen immers bij het Cambodjaanse docententeam. Ik ben na het voetbaltoernooitje nog met de worldmappers rondgelopen, en heb even de toerist in mijn eigen dorp gespeeld: in het dorpje waar we lesgeven en ook wonen schijnen zo’n 200 monniken te wonen, dat wist ik niet! De leiding van de worldmappers vroeg of we even met één van die monnikken mochten praten, en dat mocht wel. Super leuk en erg leerzaam!

Zoals jullie dus kunnen lezen heb ik het echt super erg naar mijn zin! Ik heb nog maar vier dagen te gaan op het project: maandag tot en met donderdag. Wat is de tijd toch omgevlogen! Ik ga er de komende week dus nog maar éxtra van genieten 🙂

Liefs,
Eveline

Hello Teacher Eva!

Heee allemaal!

De afgelopen paar dagen, sinds woensdag, heb ik veel in het learning centre geholpen. Ik ben een soort van ‘de stagaire’, maar ik wil er een beetje mijn taak van gaan maken om de uitspraak van de docenten te gaan verbeteren. Van de week ging ik namelijk samen met Kimhoun, de ‘biebjuffrouw’ (echt een ontzettend lieve vrouw), de kindjes woordjes met de SH-klank aanleren (she, shop, shell). Toen zij de betekenis van het woord shop aan de kindjes ging uitleggen, sprak zij echter het woord shop als soup uit. De uitleg was vervolgens ook nog eens noodle-soup… Dat is natuurlijk niet goed! Het lastige is dat ik de docent niet terecht mag wijzen wanneer de kids erbij zijn (eigenlijk uberhaubt niet, Cambodja heeft een best wel trotse en hiërarchische cultuur)…

De kindjes beginnen me steeds leuker te vinden. Dit heeft voor- en tegendelen. Voordeel: steeds als ik op school kom hoor ik overal om me heen ‘Hello teacher Eva!!‘, daar word ik toch echt wel heel erg blij van! Nadeel: ik ben niet nieuw meer, ik begin een vertrouwd gezicht te worden. Dus het is niet meer een must om stil te zijn als ik aan het woord ben -> ze behandelen me als een gewone docent en dus zitten de kinderen onderling soms erg te klieren. Maar ik laat ze meestal hun gang maar gaan: als de docent ze niet stil krijgt, waarom zou ik het dan wel proberen?

Het valt me op dat die kindjes die aan het klieren zijn meestal degenen zijn die super goed zijn in Engels en zich dus vervelen. Zij begrijpen wel wat ik zeg, in tegenstelling tot de kindjes die niet zitten te klieren. Het niveauverschil in de klas is groot: sommige kindjes verstaan geen woord Engels, terwijl anderen makkelijk hele gesprekken met me aan kunnen gaan. Daarom wil ik gaan kijken of ik tijdens de library-lessen (waarin we boeken lezen) een soort plus-klasje kan gaan creeeren voor kinderen die wat beter zijn in Engels. Zo hoeven zij zich niet zo te vervelen in de les! (Maar dit is nog niet zeker, ik weet nog niet hoe ik het ga vormgeven) (tips voor spelletjes zijn nog steeds HEEL ERG WELKOM!!)


Afgelopen weekend zijn we met alle Be-More vrijwilligers (10) op Rabbit Island geweest. Zaterdag zijn we met een tuktuk vanuit Kampot naar Kep gereden, vervolgens vanuit Kep met een boot naar Rabbit Island. Het was echter nog maar de vraag of de boot nog ging, in verband met het weer. Eenmaal in de boot werd duidelijk waarom de mensen van de boot zo moeilijk over het boottochtje deden: het waaide erg hard waardoor het bootje gevaarlijk hard heen en weer wiegde. (En om heel eerlijk te zijn, ik was doodsbang dat die boot om zou vallen.) Eenmaal op Rabbit Island bleken de hutjes die we hadden gereserveerd helemaal niet zo heel goed te zijn. Gelukkig hadden we nog niet betaald dus zijn we over het strand verder gelopen en al snel vonden we hutjes met sea-view. Maar toen Dani-Jelle en ik onze bedden wilden opmaken (we sliepen samen in een kamer) en Dani-Jelle het kussen wilde pakken, schoot hier een niet-al-te-kleine spin uit (lees: groot), waar Dani-Jelle zo van was geschrokken dat ze de rest van het weekend niet alleen het hutje in durfde te gaan. En toen we bij het eten vroegen om een kokosnoot-shake, moesten er eerst kokosnoten uit de bomen gehaald worden… Super leuk! (en lekker vers). Gister was het gelukkig wel heel erg mooi weer (wat voor een aantal van ons, waaronder ikzelf, inhield dat we er nu uitzien als een kreeftje). En natuurlijk was ik weer degene die uit haar hangmat viel…

Vandaag is mijn tweede week op het project begonnen. Vanochtend stond ik in mijn eentje voor de klas, en dit was een klas die dus echt geen enkel woord Engels kan. Er zit helaas ook geen enkel kind in dat er uit springt en wel begrijpt wat ik zeg. Dat is frustrerend. We hadden een tekstje gelezen over Monica die met haar vrienden naar Angkor Wat was gegaan. Maar toen ik vroeg: Who went to Angkor Wat?‘ zeiden die kindjes doodleuk: ‘Angkor Wat’ en op de vraag ‘What is the name of Monica’s friend?‘ was het antwoord ‘Friend!’. Met andere woorden, ze praten me gewoon letterlijk na. Hoe ik dit ga oplossen is me nog een raadsel, want de basiswoorden kennen ze dus ook gewoon al niet.. Lastig, lastig.

Vandaag heb ik eindelijk een schema gekregen waarop staat wat ik moet doen elke dag (geeft wat overzicht) en zodat ik weet wanneer ik dingetjes moet voorbereiden (dat is niet zo heel vaak). We zullen zien wat deze week me gaat brengen!

Veel liefs,
Eveline

Teacher! Teacher!

Hee lieve allemaal,

Afgelopen zondag zijn we met de hele groep vanuit Phnom Penh, de hoofdstad van Cambodja, naar Kampot vertrokken. Het was een busrit van ongeveer drie uur die pratend, lachend en starend (uit het raam) zo voorbij vloog. Eenmaal in Kampot verbaasde ik me over hoe rustig het is in Kampot: in Phnom Penh is het bijna zelfmoord als je de straat oversteekt en in Kampot kan je gerust midden op de straat lopen zonder aangereden te worden (vooral ’s avonds). Nadat we wat spullen hadden gekocht en geld hadden gepind, werden Koen en ik opgehaald door een tuktuk en werden we naar ons gastgezin gebracht. Op de tuktuk hebben Koen en ik onze ogen uitgekeken: WAUW wat was het mooi. Maar eenmaal bij ons gastgezin bleef onze mond gewoon open hangen. Wat een fantastische plek, geweldig huis (we hebben de hele bovenverdieping voor onszelf) en wát een uitzicht. We wonen midden tussen de rijstvelden, dus op weg naar ons project (wat nog geen vijf minuten lopen is) kunnen we de rijstplukkers aan het werk zien (of hoe heten die mensen die de rijst uit de velden halen?).

Maandag was onze eerste dag op het project. ’s Ochtends om acht uur werden we opgewacht door mister Koun (“Koen”- de Cambodjanen vinden het geweldig dat de andere vrijwilliger Koen heet). Mr. Koun is de vrijwilligerscoördinator van het project en hij is echt heel erg gezellig en betrokken. Nadat we een rondleiding met uitleg hadden gekregen, mocht ik gaan helpen bij een Australische gastdocent die op de primary school lesgeeft (de primary en secundary schools liggen allebei op hetzelfde terrein als het Learning Center waar ik werk). Samen met hem heb ik maandag en dinsdagtoetsen afgenomen bij 90 leerlingen (nog 360 te gaan). Uit deze toeten kunnen we opmaken wat hun niveau van Engels lezen, spreken en begrijpen is: bij mij kregen ze een lijst met woordjes die ze moesten voorlezen. Wanneer ze meer dan vijf fouten direct achter de lijst fout hadden moest ik stoppen. Wat er dus heel vaak gebeurde is dat ze er vier achter elkaar fout hadden, maar de vijfde dan weer goed deden en dan van voor af aan begonnen. Dit was demotiverend en frustrerend voor zowel mij als voor de leerling (sommigen hadden dan dus wél de hele lijst afgemaakt, en hadden van de 200 woorden er maar 90 goed). Wanneer ze klaar waren gingen ze naar Paul – de Australiër – om daar met hem een boekje te lezen dat hij uitkoos naar hun leesniveau. Op die manier had iedereen uiteindelijk toch het gevoel dat ze dus wél kunnen lezen. Vervolgens stelde Paul nog vragen over het boekje om te testen of de kinderen wel begrepen wat ze lazen: vaak kunnen kindjes wel lezen, maar hebben ze geen flauw idee wat ze aan het lezen zijn.

Het toetsen afnemen is leuk, maar niet als je het zes uur op één dag moet doen. Daarom is het fijn dat mr. Koun nu heeft afgesproken met Paul dat ik elke ochtend help met toetsen afnemen, en ’s middags ga ik helpen met lesgeven. Vanochtend was Paul echter al ziek, dus mocht ik in het learning center helpen! Om acht uur moesten Koen en ik samen een lesje geven aan negen kinderen. Maar hier begon ik aan Grote Uitdaging nummer driehonderdtachtig (heb er al zoveel gehad) want die kindjes die spreken echt geen woord Engels. Ze lezen een boekje, maar als je vraagt wat er in het boekje staat, hebben ze geen idee. Dus gingen we maar ‘I see, I see something you don’t see, and the color is…” en levend twister (ik roep een kleur en de kinderen moeten een voorwerp in die kleur aanraken) doen, om de kleuren te oefenen. Als iemand nog tips heeft voor andere spellen: ZE ZIJN WELKOM!!! Na onze eigen les heb ik een van de docenten geholpen met haar Engelse les. Ze deelde een kort verhaaltje uit met stellingen. Eerst vroeg ze de kinderen om de moeilijke woorden op het bord te schrijven. Tot mijn verbazing begonnen de kindjes met het opschrijven van woorden als ‘our’, ‘friends’ en ‘same’, woorden waarvan ik verwacht had dat ze die wel zouden kennen. Pas hierna kwamen de woorden ‘neighbour’, ‘together’ en ‘kindergarten’. Het was echt een leuke les en ik heb wel al wat ideetjes opgedaan over hoe ik mijn eigen lessen ga aanpakken! (het opschrijven van moeilijke woorden en de kinderen die woorden laten opzoeken in het woordenboek lijkt me voor hen ook veel leuker dan een tekst lezen waarvan je de helft van de woorden niet begrijpt).

Nu ik hier een beetje gesettled ben, merk ik wel dat ik op de momenten dat ik niks te doen heb (’s avonds in bed) thuis heel erg mis. Ik mis het om thee te drinken met mama, papa om raad te kunnen vragen en te kibbelen, lachen en praten met Irene en Manon. Doordat ik geen wifi op mijn project heb is skype is niet altijd mogelijk (gister wel even met mama, Irene en Manon kunnen skypen, dat was heeeeel fijn ook al was ik de helft van de tijd aan het huilen). Gelukkig hebben we een leuke groep met alle Nederlanders (we eten ’s avonds met zijn allen in Kampot om bij te praten over de dag. We hebben gister besloten dat we met elkaar ook tips gaan uitwisselen, leuke opdrachten, dat soort dingen). Zij zorgen voor afleiding en maken me weer vrolijk. De heimwee zorgt er trouwens niet voor dat ik niet meer geniet van de dingen die ik hier meemaak hoor!! Maar het is niet niks, in mijn eentje naar de andere kant van de wereld voor een best wel lange tijd. 😉

Toen ik gister naar huis fietste (lopen is korter maar ik vind het heerlijk om te fietsen), toen kwam ik langs allemaal meisjes die ik diezelfde dag nog had getoetst: “Bye bye teacher! See you tomorrow!!“. Dat mogen ze vaker doen, ik word er vrolijk van!

Vanmiddag ga ik weer lesgeven! Ik heb er zin in ook al ben ik benieuwd of deze kindjes net zo weinig begrijpen van de Engelse taal als die kindjes van vanochtend.

Tot de volgende!
Liefs,
Eveline

Nederland – Cambodia

Hee hoi!

Daar is ‘ie dan, mijn eerste blog vanuit Cambodja! En hoewel ik pas twee dagen hier ben (ik kwam gisteravond aan), heb ik al behoorlijk wat gezien en meegemaakt. Zo zat ik in het vliegtuig van Bankok naar Phnom Penh (Cambodja) naast een aardige Cambodjaan die goed Engels sprak. Toen ik aan hem vroeg of hij op vakantie was geweest zei hij: “no, I just went shopping for one day in Bangkok!

Toen ik vervolgens aankwam in Cambodja na een lange maar redelijk goede reis (ik was ziek geworden onderweg, helaas), stonden Brenda en Robbert, twee andere vrijwilligers, mij al op te wachten. Samen liepen we van het vliegveld naar ons hostel en hier begon de Eerste Grote Uitdaging: aan een Cambodjaan die geen Engels kan proberen duidelijk te maken dat je een kamer wil. Uiteindelijk pakte de Cambodjaan tijdens mijn verhaal een mobiel en begon hij tot mijn verbazing gewoon te bellen! Nadat hij wat had gepraat kreeg ik de mobiel (een spiksplinternieuwe Samsung Galaxy S4) in mijn handen gedrukt en al snel werd me duidelijk dat ik een tolk aan de telefoon had dus binnen no-time had ik mijn kamersleutel en kon ik me gaan installeren!

Vandaag was dan mijn eerste echte dag in Cambodja en het was echt super leuk! Met de Tuktuk zijn we naar het centrum van Phnom Penh gegaan en hier hebben we wat rond gelopen. Op een gegeven moment liepen we langs een volleybalveld en toen we even bleven staan werden we uitgenodigd om ook mee te komen doen! Super leuk: Nederland-Cambodja. Het waren allemaal mannen van tussen de 20 en 30 die direct uit werk door gingen naar dit volleybalveldje. Er waren nergens vrouwen te zien, dus we waren het middelpunt van de belangstelling met ons blanke team van drie vrouwen en één man. Deze ze Cambodjaanse mensen waren echt heel erg goed (of wij gewoon heel erg slecht), dus hebben we met 9-14 verloren (ze werken hier met een andere puntentelling dan in Nederland, helaas), maar wat was het leuk!!

Toen we vervolgens met een bezweet hoofd verder liepen en we een groep Cambodjanen airobics zagen doen, sprongen we er tussen en gingen we meedoen. Jammer genoeg kwam na 10 minuten iemand zeggen dat het 1 dollar kostte om mee te doen. Daar hadden we geen zin in, dus toen zijn we maar weer weggegaan. (en nog geen 2 minuten later barstte er een regenbui los, dus het was maar goed dat we het niet hebben gedaan!)

kortom: een erg leuke dag vandaag!

Ik ga nu lekker slapen, morgen gaan we naar Kampot en dat wordt denk ik wel weer een vermoeiende reis. (Hier is het 5 uur later dan bij jullie, dus het is nu 10 uur in plaats van 5 uur)

Liefs, en tot de volgende